Geopende ogen

0
955
blog placeholder

In de hectiek en veeleisendheid van ons leven is het niet gemakkelijk in evenwicht te blijven. Sommigen balanceren op het randje van de afgrond, anderen vinden houvast in hun geloof, weer anderen klampen zich vast aan een medemens, niet dat ze dan gelukkig zijn maar ze zijn in ieder geval niet alleen, er zijn er die gaan over lijken en er zijn er zoals ik er een ben die probeert zo min mogelijk belastend en tot last te zijn in al mijn beperktheid. Die rust zoeken en geluk in zichzelf en de kleine dingen om zich heen.

Toch zijn we allen op zoek naar iets dat schijnbaar onvindbaar is. Het eeuwige leven, een god of het allernieuwste van de nieuwste hebbedingetjes.

Het eeuwige leven bestaat niet, niet in dit leven althans, en als ik hoor dat een goed gelovige persoon die elke zondag in de kerk zit jonge katjes heeft verzopen, resteert bij mij alleen nog maar minachting en mag van mij naar de hel. Het nieuwste van het nieuwste interesseert me ook niet want waarom zou ik een flatscreen kopen als mijn huidige televisie nog werkt. Daarnaast hoef ik niet 24 uur per dag bereikbaar te zijn, al helemaal niet als ik mijn medemensen spastisch en gefrustreerd zie zoeken naar het mobieltje om maar geen oproep te missen.

Daarbij vervuilt onze mooie taal met al die buitenlandse benamingen omdat we er geen fatsoenlijke Nederlandse benaming aan kunnen geven.

Oh, ik spreek mijn talen wel maar het zo mooie en visualiserend schrijven van verhalen wordt te kort gedaan als een woord als flatscreen verschijnt omdat ‘dunbreedbeeldtelevisie ook nauwelijks een verhaal ten goede komt. Bovendien is Handy veel korter dan mobiele telefoon en begrijpt iedereen ondertussen wat bedoeld wordt met een Handy. Op zich handig, maar de zuiverheid van een taal gaat verloren.

Op het ogenblik houd ik me bezig met het Sanskriet. Niet om de taal te leren, maar omdat ik de benamingen moet kennen van de marmapunten in het menselijke lichaam voor mijn opleiding tot masseur. Boeiend en lastig tegelijk.

Of wat te denken van de kliktaal, Xhosa. Prachtig om te horen ook al versta ik er niets van en spreekt slechts een handjevol (zo’n 6 miljoen Zoeloes) deze taal.

Een verlies lijdt ook het Welsh en sluipt het Engels erin. Gelukkig geen Amerikaans maar als wij Engels leren neigt het meestal doorspekt te zijn van een Amerikaanse uitspraak vanwege alle invloeden op tv en in de bioscoop. Bijvoorbeeld I think (Engels) of I guess (Amerikaans). Neem ook bijvoorbeeld de uitspraak van I can (I kàn – Engels; I ken – Amerikaans). In de film Dr. Doolitle krijg je prachtige voorbeelden te horen.

Maar goed, een flatscreen heb ik niet, een Handy wel, voor noodgevallen onderweg bij langere zwerftochten met de hond, niet omdat een ander vindt dat ik op elk tijdstip bereikbaar moet zijn of dat ik de behoefte zou hebben op elk moment met iemand te willen praten. Ook in gezelschap bel ik niet en ik neem niet op of sms (ook al zo’n buitenlandse afkorting). Mobiel internet wordt me ook steeds opnieuw opgedrongen, maar is aan mij niet besteed. Ik heb sinds een aantal jaren internet thuis en ik beschik over internet op mijn werk, daarmee voorzie ik al meer dan noodzakelijk in mijn behoefte. Tijdstippen onderweg hoef ik dat niet ook nog te kunnen, die tussentijdse tijdstippen zijn voor mij.

We snellen onszelf op allerlei fysieke, geestelijke en virtuele snelwegen voorbij zonder rust voor elkaar of onszelf. We consumeren onstuimig op materialistisch gebied en ook onze voedselinname staat niet meer in verhouding met de behoefte. Het een verdwijnt op den duur in onbruik geraakt in een kast, voor het andere doen we tijdelijke pogingen om van een aantal kilo’s af te komen. We bezoeken sportscholen en joggen onze gewrichten kapot, eten niet, te weinig, ongezond of staan weer eens op dieet.

Ooit was sporten een gezellige ontspannende bezigheid, nu gaat overal zoveel geld in om, speel je met je gezondheid of zelfs je leven en draait alles alleen nog om (ge)winnen. Benzineprijzen schieten tot ongekende en voor de kleine man onbetaalbare hoogten maar de formulewagens razen over de wereld. Vroeger aten we wat de seizoenen brachten en was er in veel opzichten een betere balans in ons lichaam.

Een verdwaalde wolf (verdwaalt?) wordt bevochten (opgejaagd!) omdat hij een schaap steelt (steelt?) om te overleven en tekent meteen zijn door de mens uitgevoerde doodvonnis.

Iedereen en alles sterft vroeger of later. Het hoe wordt bepaald door factoren die wij niet kennen tot het moment daar is. Tot het moment daar is staan we in een leven, hoe we leven en of we laten leven, hangt van elk individu afzonderlijk af. Zo ook of we met onszelf kunnen leven, of dat we blijven vluchten voor anderen, of voor onszelf omdat we achtervolgd worden door ons eigen geweten. Want de meesten van ons hebben een geweten. Hebben ook een intuïtie en dat verteld ons of we het goed doen of niet. Maar we luisteren te weinig waarbij ook ons lichaam in de stress raakt en we ziek worden. We raken geestelijk en lichamelijk in de klem en vinden het leven op eens waardeloos. Daar heb ik een andere mening over, dat mag en daar is een doorleefd proces aan voorafgegaan. Ik kan de wereld niet redden, ik kan alleen mezelf proberen te redden in dit leven. Al het leven op waarde te schatten en te respecteren. Dat kan ik alleen als ik respect heb voor mezelf, voor de manier waarop ik in het leven sta. Dat is iets dat ik alleen weet en ik ook alleen degene zijn kan die daar veranderingen in aan kan brengen. Als ik degene ben die dat wil, dan kan ik dat ook. En ik heb het gedaan en ben nog steeds bezig. Mijn focus ligt op mij en ik geef mij waar ik baat bij heb. Dat varieert van meditatieve momenten, tot urenlange wandelingen in een bos waar geen mens mijn rust verstoord om te genieten van gedachten die komen en weer gaan, van de kleine, schijnbaar onbeduidende dingen, van het observeren van een lieveheersbeestje dat lopend een weg aflegt tot mijn gedachten tot haar doordringen dat het een hele lange weg is die ze bewandelt en opvliegt, van een ree dat opkijkt en niet verontrust raakt door mijn blik door rustig verder te eten van het frisse smakelijke groen dat de natuur haar als voedsel schenkt, tot het geven van een ayurvedische massage aan een persoon die gestrest op mijn tafel ligt en zich uiteindelijk kan laten verleiden door de rustgevende muziek, de warme olie en weldadige energie die wordt overgebracht op overspannen spieren, waarbij langzaam maar zeker de ademhaling tot bedaren komt, de frons tussen de ogen verdwijnt en naar een, als is het maar voor even, onbekend oord zweeft. Een oord dat veel vaker bezocht zou moeten worden. Het kan grenzen verleggen, je dingen laten horen, voelen en zien, die met zintuigen zelden bereikt worden.

Waar we ook vandaan zijn gekomen, waar we naar toe zullen gaan, een ding is zeker, we moeten dit leven door, dan toch zeker zo aangenaam mogelijk. Het goddelijke is maar op een plek te vinden in dit leven en dat is in jezelf.

 

Indy Toma

 

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here