Hoe leg je een heidetuin aan?

0
124

In Nederland en België worden de meeste tuinen aangelegd door een stel min of meer bij elkaar passende bomen, struiken en planten bij elkaar te zetten op het lapje grond. Maar het kan ook anders. Als je een bijzondere tuin wilt, kun je aan een thema-tuin denken, zoals een rozentuin, een moerastuin of een heidetuin. Nu heidetuinen weer uit de mode zijn, kun je er juist een unieke en bijzondere tuin mee creëren. Er zijn natuurlijk wel een aantal dingen waar je rekening mee moet houden.

De geschikte bodem voor een heidetuin

Heide, een plantensoort die wordt aangeduid met de Latijnse naam Ericaceae, is een plant die van zure grond met voldoende humus houdt. Op kalkrijke grond en zware kleigrond zullen de soorten van de familie Ericaceae zich niet thuis voelen en daardoor niet goed gedijen. Het best groeien heide en heideachtige struiken op veengrond, die van nature een hoge zuurgraad heeft. Of je je tuin in een heidetuin kan omtoveren is dus vooral een kwestie van de streek waar je woont. Als je als stadsmens niet weet hoe het met de bodem gesteld is, dan is het handig om advies in te winnen bij een tuincentrum in de buurt of aan een doorgewinterde tuinman.

Ook kun je de bodem wat zuurder maken door flink veel tuinturf of koeienmest door de bodem heen te werken. Maar toch is het onbegonnen werk om een heidetuin aan te leggen op zware kleigrond of kalkrijke grond, dus onderzoek vooral eerst of de bodem van je tuin geschikt is. Is dit het geval dan kun je aan de slag.

De aanleg van de heidetuin

Het planten van een heidetuin wordt meestal gedaan in de periode van oktober tot en met april, , maar het mag niet vriezen. Voordat je het eerste plantje neerzet, zul je vooral na moeten denken over de indeling van je tuin. De mooiste heidetuin krijg je door kleine hoogteverschillen aan te brengen, als het mogelijk is in combinatie met een vennetje. Let daarbij wel op de verhoudingen, hoge heuvels in een kleine tuin komen onnatuurlijk over.

De wandelpaadjes kunnen langs de heuveltjes heen slingeren want rechte paden passen ook niet echt in een heidetuin. Door verschillende soorten heide te planten, kun je elk seizoen bloeiende heide in de tuin te hebben. Behalve de kleur van de bloemen, is ook bladkleur belangrijk. Na de bloei kunnen veldjes van lichtgroene en donkergroene struiken een mooi contrast vormen met bloeiende soorten. Behalve de bekende struikheide (Calluna) en dopheide (Erica) kun je tal van andere planten neerzetten. Tot de heidefamilie behoren onder andere Ierse heide (Daboecia) en de lepelboom Kalmia. Ook struiken als Azalea, Skimmia, Pieris en Rhododendron gedijen in dezelfde zure grond. Dit geldt ook voor sommige coniferen, grassoorten en heesters. Als je tuin groot genoeg is om plaatst te bieden aan een boom, dan kun je overwegen om een krentenboom of een lijsterbes te planten. Planten als de brem, de jeneverbes en de berkenboom groeien in natuurlijke heidegebieden en zijn daarom ook geschikt als aanvullende beplanting. Vaste planten laten zich moeilijk combineren met de zure heidetuin, maar er zijn uitzonderingen zoals de Nepeta, de Prunella en de Verbascum. Verder passen bij een heidetuin vooral natuurlijke materialen, zoals paadjes van boomschors en schuttingen van ruwe planken.

Het onderhoud van een heidetuin

In tegenstelling tot wat de meeste mensen denken, is de heidetuin heel arbeidsintensief in het onderhoud Dit komt omdat de heidestruikjes na de bloei gesnoeid moeten worden, want anders gaan de de takken verhouten. In de natuur wordt dit werk meestal door schapen gedaan, maar als je die niet in je tuin hebt lopen moet je de heide zelf kortwieken om mooie rijk bloeiende struikjes te houden.

Als je de heideplanten vrijuit laat groeien, dan zijn het na een paar jaar lelijke en uit elkaar vallende struiken. De stengels verhouten, de bloei wordt elk jaar armoediger en tot overmaat van ramp kan het heidehaantje, een kevertje, toeslaan. Als je echter goed en regelmatig snoeit, gaan de heideplanten jarenlang mee en blijven ze hun model behouden. Het makkelijkste is om de heide eenmaal per jaar te snoeien met een gewone heggenschaar. Niet te kort, er moet wel groen aan blijven want anders kunnen de planten niet uitlopen. Je kunt dit het beste eind maart of begin april doen, voordat de nieuwe groei begint. Met de soorten die juist rond die tijd in bloei staan, zoals de Erica carnea en Ede rica darleyensis, moet je even wachten tot ze zijn uitgebloeid. Over het algemeen geldt dat hoog groeiende heide steviger gesnoeid moeten worden dan de laagblijvende soorten. Het wieden van onkruid in de heidetuin valt juist wel weer mee, mits de bodem goed bedekt is met heideplanten.

Heideplanten kunnen in principe erg goed tegen droogte, maar bij hele droge zomers moet je toch af en toe eens flink sproeien. In plaats van iedere dag een struikje met het gietertje bewerken, is het beter om je hele heidetuin een keer flink nat te sproeien. Je imiteert daarmee een flinke plensbui, waarna de heidetuin er weer weken tegen kan. Als je op tijd snoeit en sproeit, kun je jaren plezier hebben van je heidetuin. Mest geven is zelden nodig. Alleen als je merkt dat de planten niet meer verder groeien, kun je wat tuinturf of mest tussen de planten strooien.

Het aanleggen en onderhouden van een heidetuin klinkt zo misschien simpeler dan het in de praktijk is. Als je serieus met je heidetuin aan de slag gaat, loont een lidmaatschap van de Nederlandse Heide-vereniging misschien de moeite.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here