Chocolade, het keizerlijke snoep

0
98

Chocolade, ook wel chocola genoemd, is voor veel van ons een populair snoepgoed. Het is niet alleen lekker, maar heeft een rijke geschiedenis. Het meestal bruine goedje is omgeven door interessante mythen en bij modern wetenschappelijk onderzoek blijkt het ook nog eens gezond te zijn.

De geschiedenis van chocolade

De oorsprong van chocolade ligt in het noorden van Zuid-Amerika, tussen de rivieren de Amazone en de Orinoco. Het verspreidde zich in verschillende richtingen, en werd graag gedronken door de Maya’s en de Azteken. In die tijd waren het nog geen tabletten, maar een drank van cacaobonen, water, vanille, chilipeper en piment. Dit drankje werd Xocoatl genoemd en was verbonden met Xochiquetzal, de godin van de vruchtbaarheid. Cacaobonen werden overigens door de Azteken behalve voor de bereiding van de chocoladedrank ook gebruikt als betaalmiddel.

De eerste Europeanen die chocolade dronken waren Spanjaarden, die het aangeboden kregen aan het hof van keizer Montezuma. Zij vonden het zo’n bijzonder drankje dat aan het eind van de zestiende eeuw al een commerciële aanvoer naar Sevilla was. Cacaobomen groeien alleen maar tussen de twintig graden ten noorden en twintig graden ten zuiden van de evenaar. Maar zij werden wel al in de zeventiende en achttiende eeuw door de Spanjaarden overgebracht naar Ceylon, Indonesië en Maleisië, Brazilië en West-Afrika. In Europa veranderde men de chocolade naar smaak, zo voegde men in plaats van chilipeper suiker toe. Aanvankelijk bleef de Europese consumptie van chocolade beperkt tot de vorstenhoven en de adel omdat het een luxe artikel was.

Ondertussen vonden Spanjaarden in Amerika de eerste eetbare chocolade uit in de vorm van chocoladekoekjes. Zij wisten het recept bijna een eeuw lang geheim te houden. Ondertussen werd de chocoladedrank in Europa steeds algemener en aan het begin van de achttiende eeuw werd de eerste chocoladefabriek gebouwd in Groot Brittannië. Later kwamen er ook fabrieken in Duitsland, Frankrijk en Zwitserland. De Nederlander Coenraad van Houten wist de chocoladeproductie te verbeteren middels een methode die wereldwijde navolging kreeg. Mede daardoor daalde aan het eind van de achttiende eeuw de prijs van chocolade, zodat het een echte volksdrank kon worden.

De eerste chocoladereep zou in het jaar 1847 zijn gemaakt door de Britse Quaker Joseph Fry.

Hoe wordt chocolade gemaakt?

Cacao, het hoofdbestanddeel van chocolade, wordt gewonnen uit cacaobonen, dit zijn de pitten uit de vruchten van de cacaoboom. Deze bomen worden vijf tot zes meter hoog en hebben grote langwerpige bladeren. Als de cacaoboom vier jaar oud is, begint hij te bloeien en blijft dat zijn verdere leven doen. Hij draagt altijd tegelijkertijd bloesem, onrijpe en rijpe vruchten en levert per jaar levert zo’n dertig tot veertig vruchten, met elk enkele tientallen cacaobonen. Per jaar levert elke cacaoboom gemiddeld een tot twee kilo cacao.

Er bestaan verschillende soorten cacaobomen, waarbij iedere soort zijn eigen karakteristieke smaak heeft, beïnvloed door klimaat, grondcondities en de nabehandeling na het oogsten. Na de oogst worden de cacaobonen uit de vruchten gehaald. Omdat de bonen nog paars, taai en bitter zijn, worden ze gefermenteerd in bakken. Na een dag of vijf dagen heeft het gistingsproces ervoor gezorgd dat de boon bruin is, minder taai en minder bitter. Vervolgens worden ze gedroogd in de zon of in speciale drooghuizen en daarna naar de chocoladefabrieken vervoerd.

Daar worden de bonen gereinigd, voorgebrand en ontdopt, waarna het echte branden volgt, dat dient om het aroma te ontwikkelen en de smaak te verbeteren. Elke chocoladefabrikant heeft hiervoor zijn eigen recept. Afhankelijk van het soort bonen, de temperatuur en de duur van het brandproces ontwikkelt zich een specifieke smaak. Na het branden wordt de cacao gemalen tot de zogenaamde cacaomassa. Deze bevat nog 55% cacaoboter, een vet dat met hydraulische persen uit de massa verwijderd wordt. De droge cacao die overblijft wordt vermalen tot cacaopoeder. Nu kan er eindelijk chocolade gemaakt worden, door een mengsel te maken van cacaopoeder, cacaoboter, suiker en eventueel melk. De samenstelling van de verschillende ingrediënten wisselt al nar gelang het gewenste soort chocolade. Zo wordt witte chocolade gemaakt zonder cacaopoeder, maar wel met cacaoboter. En bij donkere chocolade voegt men bijvoorbeeld geen melkpoeder toe.

Chocolade en de gezondheid

Over chocolade doen vele verhalen de ronde. Zo zou het verslavend zijn en lust bevorderend werken. Wat dat eerste betreft, er zitten nogal wat bestanddelen in chocolade met een duidelijk effect op de hersenen, zoals neurotransmitters, hormonen als dopamine, serotonine en endorfine en stoffen als theobromine, cafeïne en tryptofaan. De stof Anandamide is zelfs verwant aan THC, het werkzame bestanddeel van cannabis. Al deze sfeerverhogende stofjes komen echter in chocolade slechts in zeer beperkte hoeveelheden voor, zodat je tientallen kilo’s per dag zou moeten eten om er enigszins verslaafd aan te raken. De faam van lust bevorderend middel stamt nog uit de tijd van de Azteken en de chocolade-consumptie van keizer Montezuma. Uit een recent onderzoek door urologen van het San Raffaele-ziekenhuis in Milaan bleek dit toch niet helemaal uit de lucht gegrepen. Zij ontdekten dat vrouwen die veel chocolade of pralines eten een rijker en bevredigender seksleven hebben dan vrouwen geen chocolade eten. De onderzoekers zien chocolade dan ook eerder als geneesmiddel dan als snoep. De heilzame werking geldt in het bijzonder voor vrouwen met een laag libido, die na het eten van chocolade levenslustiger worden en vrouwen die last hebben van stemmingswisselingen, veroorzaakt door het post-menstruaal syndroom.

Behalve voor een beter seksleven is chocolade goed tegen tal van kwalen, maar het gaat dan uitdrukkelijk alleen om de donkere, bittere variant. Deze bevat grote hoeveelheden flavonoiden, die waarschijnlijk ontstekingsremmend werken. Al eerder was bekend dat cacao anti-oxidanten als polifenolen bevat, een bloeddruk-verlagende werking heeft en goed is voor je humeur. Maar let op, de melkbestanddelen en vooral de suiker in melkchocolade doen deze gunstige effecten gelijk weer tekort. Snoep dus verstandig en eet pure, bittere chocolade. Als je er eenmaal gewend aan bent dan wil je niet anders meer en proeft melkchocolade en witte chocolade hoofdzakelijk naar suiker.

Meer weten over chocolade

Wil je chocolade niet alleen eten en drinken, maar er nog wat meer over weten, dan kan dat in verschillende musea. In Brugge vind je het chocolade-museum Choco-Story, gevestigd in een Middeleeuwse wijntaverne, en in Brussel het “Museum van Cacao en Chocolade”. Iets verder weg vind je chocolade-musea in Keulen en in Barcelona, en in Amsterdam is een thema-centrum in ontwikkeling, geïnspireerd op het verhaal “Sjakie en de chocoladefabriek”. Voor de echte liefhebbers zijn er festivals, zoals in Zutphen, in Brugge en vanaf 2009 ook in Maastricht.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here