Hoe leg je een Japanse tuin aan

0
223
blog placeholder

In Nederland en België worden de meeste tuinen aangelegd zonder een bepaalde filosofie. Er worden dan gewoon een stel min of meer bij elkaar passende bomen, struiken en planten bij elkaar op het lapje grond gezet. Maar het kan ook anders. Als je een bijzondere tuin wilt, denk dan eens aan een thematuin, zoals een rozentuin, een moerastuin of een heidetuin. Wil je het helemaal bijzonder aanpakken, probeer dan je tuin in Japanse sfeer aan te leggen.

Hoe leg je een Japanse tuin aan?

Een echte Japanse tuin leg je niet aan door je tuin vol te gooien met stenen en grind en daar dan wat bamboestengels tussen te prikken en een Japanse lantaarn op te hangen. Echt interessant, en vooral rustgevend, wordt je tuin als je je eerst verdiept in de Japanse tuinfilosofie. Die is afgeleid van de Japanse levensfilosofie in het algemeen, die heel simpel en kort gezegd streeft naar evenwicht. Hierbij spelen symbolische elementen een belangrijke rol.

In tegenstelling tot de West-Europese tuinen, waar meestal zoveel mogelijk verschillende bomen, struiken en planten met zoveel mogelijk kleuren bij elkaar worden gezet, is in de Japanse tuin soberheid het sleutelwoord. Je gebruik maar een beperkt aantal plantensoorten, die qua kleur nuance-verschillen bieden in plaats van heftige contrasten. Wees daarom ook karig met bloeiende planten en heesters. Het groen in het algemeen vertegenwoordigd de natuur. Daarbij suggereren groenblijvende, in vorm gesnoeide struiken grotere structuren als rotsen en heuvels. Typische Oosterse beplanting zijn Bonsaibomen en Japanse esdoorns, en natuurlijk Bamboe, varens en een enkele Rhododendron of Azalea. Ook de Ginkgo, de Japanse notenboom en siergras zijn zeer geschikt in de Japanse tuin en bloeiende bomen als Camelia, Kornoelje, Magnolia’s en Prunus. Mossen worden in Japan gebruikt als bodembedekkers, waarbij je wel moet uitzoeken of deze geschikt zijn op de bodem van jouw tuin. Als dit niet zo is kun je kiezen voor andere fijne bodembedekkers, die wel goed gedijen in onze streken.

Zoals alles een symbolische betekenis heeft in de Japanse tuin, geldt dit natuurlijk ook voor water.

Dit kan de vorm aannemen van een vijver of een stromend beekje. Het wandelpad kan zo ook via een bruggetje over het leiden. Het allermooiste is natuurlijk een waterval, de levensbron van de tuin die op een plaats staat waar hij zowel wordt beschenen door zon- als door maanlicht. Het gemurmel van het water is bij uitstek een rustgevend geluid en een perfecte achtergrondmuziek om te mediteren. De waterstroom verdwijnt tussen dichte struiken, zodat het eind van de levensstroom niet zichtbaar is. Als water in de tuin niet haalbaar is wordt de levensstroom gesymboliseerd door fijn grind, dat in golvende lijnen wordt geharkt. Langs het water bevinden zich grote stenen, die staan voor de hindernissen die de mens op zijn levensweg tegenkomt. Ook bij een brug of een kruising van wandelpaden staan of liggen grote stenen. De rechtop staande stenen vertegenwoordigen het mannelijke element en de platte liggende stenen het vrouwelijke. Samen vormen ze harmonie, het ideaal en daarbij zijn ze de “wachters” die bezoekers door de tuin leiden. Wandelpaden kunnen gevormd worden door stapstenen. Als je de ruimte hebt, laat het wandelpad dan in bochten lopen en creëer verrassings-effecten. Door een struik voor de bocht kun je niet zien wat er na komt, en dit versterkt het effect van een blik op fraaie beplanting, een bijzondere boom of juist een open plek na de bocht.

Het belangrijkste is dat het totaalbeeld van de Japanse tuin rust en soberheid uitstraalt. Door de combinatie van water, bodembedekkers, stenen, grind en door middel van uitgekiende snoeitechnieken in vorm gebrachte beplanting is het geheel in harmonie. Dit evenwicht is geen kwestie van directe symmetrie, maar meer van “hefboom-symmetrie”. Bijvoorbeeld een grote massa aan een kant vraagt om een grote lege ruimte met een paar kleine stenen aan de andere kant. Een rechte lijn wordt onderbroken door een struik of een tak die deze rechte lijn onderbreekt. Perfectie ontstaat juist door “bijna-perfectie”. Probeer zoveel mogelijk diepte te creëren en denk goed na over de verhouding tussen horizontale en verticale lijnen.

Bijzondere elementen

Behalve de basis van groen, water, stenen en grind kun je wat typisch Japanse elementen toevoegen maar wees ook hier karig mee. De stenen Japanse lantaarns hebben niet alleen een symbolische maar ook praktische functie. In het donker verlichten zij de wandelpaden en de waterpartij. Een Boeddhabeeld is ook een graag gezien element, al dan niet onder een pagode-achtig afdakje. Een zogenaamde “ree-verschrikker” is een uitgeholde bamboestengel die heel langzaam volloopt met water. Is de stengel vol, dan slaat hij met een klap tegen een steen aan. Dit geklepper werd gebruikt om dieren uit de tuinen te houden maar symboliseert ook het verstrijken van de tijd. Heb je er ruimte voor, dan kun je naar Japans gebruik een theepaviljoen plaatsen. De Japanse thee-ceremonie is niet zomaar een bakkie doen, maar een uitgekiend ritueel om de Oosterse deugden als beleefdheid, fijngevoeligheid en bescheidenheid te oefenen. De deur is dan ook laag, zodat je al binnenkomt in een nederige houding. In het theepaviljoen staat maar een bloemtak in een vaas, in de tuin staat immers al genoeg.

Om inspiratie op te doen is het misschien leuk om eens een openbare Japanse tuin te bezoeken.

In Nederland zijn er een aantal, zoals die in het park Clingendael in Den Haag en die in Dierenpark bij Amersfoort. De grootste Japanse tuin van Europa vind je in het Belgische Hasselt. Je eigen Japanse tuin zal waarschijnlijk een maatje kleiner zijn. Maar dit is geen enkel probleem want ook een klein tuintje kan bijzonder evenwichtig en sfeervol in Japanse stijl worden aangelegd. In Japan is het juist de kunst om op een klein stukje grond, en zelfs op binnenplaatsen, de omliggende natuur zo in het klein na te bootsen.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here